Wat doen we met snoeihout?

Afval?

Snoeihout is tegenwoordig voor de doorsneetuinier onhandelbaar afval. Dat was eeuwen lang anders: iedere boerderij had hagen van knotbomen, en met hun takkenopbrengst bouwden onze voorouders mutsaards, takkenmijten dus die ideaal waren om de leemoven mee te stoken. Behalve in Bokrijk vind je dit nuttig gebruik van snoeihout tegenwoordig enkel bij heel overtuigden. Komt die tijd ooit terug, na de laatste druppel aardolie uit teerzanden en boorplatforms?

Snoeihout buiten opstoken mocht nog enkele decennia geleden, maar toen de hakselaar op de markt kwam, werd stoken verboden, en op den duur kreeg je zelfs subsidie voor je (sssst!) fluisterhakselaar.

Tja,zo’n elektrische huis-tuin-en-keukenversnipperaar is dan wel vrij stil, maar vreet kilowatts, en na een hele voormiddag snipperen heb je amper een kruiwagen hakselhout. Echt en veel haksel je vlotter met een hakselaar op benzine – duur te huur of te koop. Leuk om eens mee te werken: hele bomen gaan erin, en de resulterende hakselhoop is machtig. Afdoende oordoppen en onflink verbruik van fossiele brandstof zijn de keerzijde.

Ik beperk me meestal tot het krijgen van houtsnippers: als ze dan toch ergens gemaakt worden, is het zonde om ze te laten liggen. Zo krijgen we jaarlijks enkele kubieke meters snippers uit een natuurreservaat. Die gebruiken we dankbaar en nuttig: we strooien een laag op de paadjes en tussen onze fruitbomen en bessenstruiken. Het merendeel gaat de broeihoop in, waar ik al eerder over schreef, en ik zou nog eens eetbare paddenstoelen willen kweken op houtsnippers. Het snelst verterende spul krijg je van verse groene takken – met loof, als het nog even kan – van snelle groeiers zoals wilg en berk.

Verzuurt dat haksel de bodem niet? Loofhout in ieder geval niet, en als je naaldhoutsnippers mengt met ander materiaal, komt de pH ook wel in orde. Puur naaldhouthaksel is overigens het beste materiaal voor op paadjes. Wat je in ieder geval moet vermijden is het onderwerken van snippers. De bacteriën die je hout willen verwerken – en dus koolstof moeten afbreken – hebben daarvoor vrij veel stikstof nodig, en dat halen ze tijdelijk uit je bodem. Stikstofgebrek is dan het gevolg, niet zozeer verzuring.

Snoeien: minder is meer

Om te beginnen: we snoeien zo weinig mogelijk. Wie verstandig aanplant, volgens de principes van ecologische siertuin, zet bijvoorbeeld geen joekels van bomen in te kleine tuintjes. De juiste plant op de juiste plaats, da’s al een goed begin, en dan mogen struiken en bomen ook uitgroeien tot hun volle grootte.

Onze bessenstruiken en fruitbomen produceren wel onvermijdelijk snoeihout: het zijn planten die moeten opbrengen, en deze gecultiveerde gewassen zouden zonder jaarlijkse snoei verworden tot ondoordringbare struwelen. Bij bramen en frambozen is het snoeiwerk simpel: gewoon na de oogst de afgedragen takken tot op de grond wegnemen. Bij het geslacht ribes (kruis-, josta-, Crandall-, witte, rode, roze, en zwarte bessen) pas ik een heel vereenvoudigde snoeiwijze toe: elke winter knip ik de dikste en oudste tak tot tegen de grond weg. Deze verjongingssnoei kun je beginnen toe te passen zodra je struiken vier, vijf jaar oud zijn. Uiteraard zijn er veel fijnere snoeimanieren voor deze bessen, maar in dit bestek en in onze tuin vereenvoudig ik graag.

Wat doen we met al onze takken?

  • De mooiste bessen- en druiventakken worden stekken, die ik op een apart bedje laat wortelen. Stop ze half de grond in, en je ziet wel wat groeit.
  • Van onze zwarte bessen knip ik kleine stukjes voor in de theekan. Bijzondere geur en smaak, hoor, en oergezond! Een gelijkaardige winterse takkenthee kun je ook van berk, druif, braam, en veel andere bomen en struiken maken. Niet dat je zo al je snoeihout mee kwijtraakt, maar alle beetjes helpen. Disclaimer, beste snoei-het-zelver: taxus en andere giftige planten mijd je in je thee, maar zijn uiteraard prima voor alle andere doelen.
  • Takkenrillen, takkenwallen, vlechtwerk, snipperwanden, knuppelpaden, … vinden we leuk in brochures, maar passen we zelf nauwelijks toe.
  • In de moestuin hebben we constant stokjes nodig om bedden en rijen te markeren. Waar heb ik radijsjes gezaaid? De berkentakjes tonen mooi de rij.
  • Ik ben pas gaan experimenteren met stammetjes in de grond als afbakening tussen bed en pad: tot 15 cm dik, 50 cm of iets langer, en dan de grond in heien. Reken maar dat daar mooie zwammetjes op komen de komende jaren!
  • Gedoornde takken – van kruisbes, meidoorn, roos, …- beschermen onze zaaibedden tegen gravende katten. We leggen die takken, of duwen ze half in de grond, tot een tijdelijke tent over de gevoelige teelten.
  • Dat zo’n takje of stam na een tijd halfweg rot en afbreekt, is het natuurlijke vervolg: juist op de grens tussen lucht en aarde is het bodemleven het massaalst aanwezig en het actiefst.

Een waardig graf voor snoeihout; het heuvelbed

Twintig jaar geleden maakte ik regelmatig heuvelbedden in de moestuin, en dank zij een oude tuinmaat ben ik eind 2013 weer van die tumuli gaan aanleggen. Het is een leuk werkje, waarbij je niet veel fout kunt doen, en met als voornaamste resultaat dat ons snoeihout er allemaal in kruipt.

Het concept komt blijkbaar uit Duitsland, en heet daar ‘Hügelbeet’. Wie dat woord googlet, vindt foto’s, schema’s, filmpjes, en veel uitleg. Heuvelbedden worden blijkbaar manshoog opgebouwd, zelfs met gebruik van zware machines en dikke boomstammen. Hieronder beschrijf ik mijn bescheiden manier van werken, met zweet, schop en vooral veel gesnoeide takken.

Laten we eerst eens de fantastische voordelen opsommen – in vergelijking met een vlak groentebed:

  • Het oppervlak wordt groter, vooral als je heel hoog zou bouwen.
  • Al die ondergegraven materialen geven hun voedingsstoffen geleidelijk af – en daar varen de groenten wel bij.
  • Terwijl de inhoud verteert, zorgt dat proces voor een iets hogere temperatuur.
  • De hele heuvel is heel luchtig, door al die begraven takken, en ook daar profiteren pieren en planten van. Natuurlijk betreed je dat bed niet meer, anders gaat dat voordeel te niet.
  • Je bed ligt hoger, en zo krijg je vanzelf een betere afwatering.
  • De komende jaren heb je er geen werk meer aan – zeker al niet spitten.
  • Afhankelijk van de dikte van je bouwmaterialen is de inhoud van je heuvel tussen de drie en de zeven jaar later helemaal verteerd en heb je één grote berg van de beste compost.

Noot voor wie op droge zandgrond tuiniert: een heuvelbed kan door zijn hoogte droger uitvallen dan de rest van je tuin, zeker tijdens het eerste jaar. Zandtuiniers experimenteren daarom eerst kleinschalig met heuvelbedjes, en mulchen goed vanaf mei. Als je de eerste zomer dan zonder veel gieten doorkomt, kun je stilaan verder heuvelen.

Hoe begin je eraan?

  • Verzamel het hele jaar de nodige ingrediënten – begin vandaag! Snoeihout hou je bij in bundeltjes of takkenrillen; bladeren zijn facultatief en bewaar je in een aparte hoop; je vindt wat mest en al dan niet geslaagde of rijpe compost, plus allerlei tuinafval, zoals verhoute stengels van vaste planten.
  • Bijna alles is bruikbaar, hoor, zelfs cypressen, (ongekookt!) keukenafval, graszoden, maaisel…Vermijd verse wilgentakken, kweekgras – en andere doorlevende onkruidwortels, want die gaan gegarandeerd schieten en de heuvel inpalmen, en dat willen we niet.
  • Leg, zoals een tv-kok, alles klaar voor je begint.
  • Zoek een of meer vrienden die helpen, en zet het bier koud.
  • Leg je heuvel aan in het najaar, dan kan alles nog goed zakken, vochtig worden, verteren, … tijdens de winter.
  • Baken het bed af: neem bij voorkeur een breedte van 120 cm, dan kun je achteraf het hele bed bereiken vanaf de paden.
  • De orientatie: noord-zuid zou ideaal zijn, omdat dan het hele bed perfect bezond wordt. Onze heuvelbedden liggen oost-west, omdat dat zo uitkwam. Ik verwacht dat we daardoor net een mooi verschil gaan zien tussen de warmere zuidflank en de koelere noordflank.
  • Graaf één spadesteek weg over het hele bed en leg al die grond opzij. Dat is het zwaarste werk, maar je wou toch iets aan je conditie doen, hé.
  • Vul die hele groeve terug op, met lagen snoeihout, bladeren, en ander tuinafval.
  • Wissel die lagen af met af en toe een schep grond, wat mest en/of compost, en eindig met een laag grond en/of compost. Je kunt heel hoog gaan met die lasagna, maar wij zijn al tevreden met een eindhoogte van een half metertje.
  • Nootje: mest, (onverteerde) compost en verse bladeren of maaisel bevatten de nodige stikstof om de houtige delen (koolstof) te helpen verteren – dat is hetzelfde principe dat ik net al bij de snippers uitlegde.
  • In droge periodes zou je tijdens de aanleg regelmatig water moeten geven, zodat het bodemleven op gang komt. Wij hier zijn zo slim om onze heuvels te bouwen tijdens een perfect regenachtige herfst.
  • Je kunt meteen planten en zaaien: half augustus plantten we nog prei, selder, aardbei, … in de pas aangelegde heuvel; een maand later zetten we een halve flank vol winterplantuitjes. Het hele najaar kun je scherpzadige spinazie zaaien, rucola, veldsla, winterkers, kervel, … We merkten al na een paar weken dat die plantingen en zaaisels een voorsprong hadden tegenover de groenten op de andere bedden. En ja, in december ben ik met de riek een gaatje gaan prikken in twee van onze nieuwbakken heuvelbedden, uit wetenschappelijke nieuwsgierigheid. Het zit daarbinnen tjokvol pieren, merkte ik: wat wil een tuinier nog meer?
heuvelbed met rand van stammetjes (4)
Heuvelbed met een rand van stammetjes

Slotsom: heuvelbedden zijn een soort langzame composthoop, waar we veel (energie, afval, plezier) in kwijt kunnen. Een heel andere manier van werken dan het niet-spitten-verhaal dat ik al lang verkondig en in de praktijk breng, maar leuk om te doen, en met duurzaam resultaat.

Advertenties

2 gedachten over “Wat doen we met snoeihout?”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s