Categorie archief: nieuw van de Lusthof

Ons zadenaanbod voor 2019

Kies, zolang de voorraad strekt.

Ik ben gek op eetbare biodiversiteit én op zaden winnen. Vandaar deze jaarlijkse greep uit de veelheid. Overigens, voor nog veel meer bijzondere zaden: ga naar de Velt-Zadenwerkgroep.

Schrijf hieronder welke zaadjes en hoeveel pakjes je wil, plus je adres. De rekening krijg je na verzending. We vragen € 2.00 per pakje, plus verzendkosten.

Of wil je ruilen?

Zaadmengsels

Eigen(zinnige) mengsels: voor oogstspreiding, voor variatie in kleur, vorm & smaak. Deze mengsels vind je niet in de winkel! Ze zijn met plezier zelf gekweekt, gemengd & gedeeld:

  • hou gerust zaadjes van een type dat je leuk vindt;
  • of laat uiteenlopende types naast mekaar bloeien en zaad zetten, voor blijvende variatie.
  1. Slamix Opsala:Al twintig jaar kruis ik allerlei krokante slatypes met mekaar. Romeinse sla, ijsbergsla, bataviasla, … komen samen i in een hele waaier. Ik selecteer streng op ziekteresistentie, schietgevoeligheid en goede wortelgestel. Vind hierin je eigen favoriet en hou er zaad van.
  2. Sluitkoolmix Corrado: een eigen kruisingsmix tussen rood en wit en savooi in. Verwacht maar een hele familie van rozige kolen, van klein tot groot, en de hele herfst lang. Iedere kool is net iets anders, en ze zijn allemaal lekker.
    corrado 2009 (3)
  3. Snijbiet: Regenboogmix
    De stelen zijn wit, geel, roze, rood en alles daartussen.
  4. Amarantmix:Kleurrijk, 50 cm tot 2 m meter hoog. De bladeren eet je gekookt of rauw, de zaadjes kun je gekiemd, gepoft of gekookt eten; ze geven ook een heerlijk aroma aan zelfgebakken brood en bevatten veel goede eiwitten. De bloeiwijze is prachtig in de vaas of om te drogen, maar dan heb je de zaadjes natuurlijk niet meer.
    Teelttip: zaai in april voor in potjes, en plant half mei op 50 x 50 cm uit.

Andere bijzondere gewassen:

  1. Kaukasische rankspinazie (Hablitzia tamnoides):een klimmende bladgroente die via Noorwegen hier terecht kwam. Doorlevend,  nauw verwant met Brave Hendrik. Oogst vooral in het voorjaar de jonge scheuten.
  2. Paarse Shiso (Perilla Nankinensis):
    Shiso en Opsala

    Ook wel Japanse basilicum genoemd, en die naam is deels terecht: zelfde familie en teeltwijze als basilicum. Wel een heel ander, typisch en uniek aroma. Mooie drachtplant, past in elke moestuin, groeit tot 80 cm hoog. Geneeskrachtig, goed voor de spijsvertering.

    Drie gebruikstips:

    a. Meng het blad met 5% zout en laat fermenteren in een afgesloten glazen pot. Google intussen Umeboshi en Shiso.

    b. Laat het blad enkele weken trekken in azijn, voor een intense kleur en smaak.

    c. Droog en knip de afgestorven stengels (november) voor een aromatische thee.

  3. Orange Butternut (Cucurbita moschata):Mooie flespompoentjes, tot 1.5 kg, met okerkleurige schil en dieporanje vruchtvlees. Onze eigen selectie van een Hongaars ras. Teeltadvies: pompoenen van de soort Cucurbita moschata hebben meer warmte en tijd nodig dan andere soorten. Orange Butternut rijpt, naar onze ervaring en op een beschutte zuidhelling, goed op tijd af in oktober.

Zaai eens een framboos

Zo maak ik een nieuw frambozenras:

  1. Zaai de zaadjes uit een framboos in een pot of bak met potgrond.
  2. Plant de zaailingen uit en wacht.
  3. Na een paar jaar kun je proeven en beoordelen.

    veera in hand
    Veera, een van mijn eerste zaailingen, 1992. Uit een onbekende (flauwe, lage) framboos x doornloze braam Black Satin. Heel aromatisch, vroeg, aan hoge planten.

Niet moeilijk dus. Ik ga even dieper in op die drie stappen:

  1. Stratifieer je frambooszaden! In mensentaal: zorg dat ze eens vorst en dooi meemaken, dan kiemen ze pas. Ik stel twee manieren voor:
    Je potje met potgrond en zaden enkele dagen in en uit de diepvries, en dat een paar keer.
    De hele bloempot met potgrond en zaden de hele winter buiten laten staan, met een gaasje erover tegen scharrelende katten en vogels.
  2. Je plant ze uit op anderhalve meter, met een stokje en/of labeltje erbij. Je hebt dus wat tijd en plaats nodig.
  3. Beoordelen: smaak en opbrengst, dat vooral. Tip: eet een framboos en snuit dan meteen je neus. Dan komen de aromatische stoffen meteen in je reukorgaan.
    Zijn de vruchten stevig genoeg, zodat ze niet pletten of verkruimelen bij het plukken?
    Hoe lang kun je oogsten: een hele maand elke dag een paar, of twee weken lang handenvol?
    De kleur, als je die belangrijk vindt.
    Maakt de zaailing ondergrondse uitlopers? De zwarte framboos, Rubus occidentalis, doet dat gezellig niet, maar wortelt met de toppen van zijn ranken – zoals bramen dus. Een boeiende eigenschap!
framboos hilke
Hilke, 1995. Uit zwarte framboos Bristol x Veera. Vrij vroeg, zachte vruchten aan takken van 3 meter. Geen ondergrondse uitlopers. Smaakt naar kersen / rode wijn.

Hoeveel kans heb je dat je zo een fantastisch ras krijgt?

Uit frambozenzaadjes komen nieuwe frambozenplanten, met allemaal verschillende eigenschappen. Die planten vermeerder je dan verder door te scheuren, af te leggen en zo.

De meeste moderne frambozenrassen hebben een ingewikkelde stamboom, waar soms bramen en andere verwanten uit de familie Rubus bij zitten. Als je daar vruchtjes van zaait, komen enkele van al die eigenschappen naar boven in elke zaailing. Een loterij dus van plant- en vruchtvormen, smaken en kleuren.

Veredelaars doen het niet veel anders dan jij. Maar dan in het groot: ze zaaien jaarlijks honderdduizenden frambozenzaadjes uit, en testen ook alle veelbelovende zaailingen. Ze hanteren dezelfde criteria, plus enkele commerciële, zoals bewaarbaarheid en formaat. (Even mijn petje af voor Derek Jennings, die veel frambozen- en bramenrassen heeft gemaakt, en ook de Tayberry en Tummelberry, kruisingen tussen braam en framboos.) Als liefhebber maak je andere keuzes dan die commerciële veredelaars.

Na een of twee jaar weet je wel of je een zaailing leuk vindt of niet. Planten die tegenvallen, gooi je gewoon op de composthoop. De beste exemplaren kun je een naam geven, en daarna kun je plantgoed vermeerderen en delen.

Constantia 2018 (3)
Constantia, 2015. Uit Hilke. Rond, donkerrood, vrij groot en stevig, zachte smaak. Rijpt op enkele weken af. Stijve takken van 2 meter lang,  geen ondergrondse uitlopers.

Hoe kom je aan die zaadjes?

  1. Van een goed frambozenras neem je een of meer rijpe vruchten. Of je neemt frambozen uit de winkel. Mix de vruchten met een kopje water en zeef de zaadjes uit het mengsel. Meteen zaaien mag, maar je kunt ze ook eerst drogen.
  2. Kruisen hoeft niet, maar geeft meer mogelijkheden. Bij het ene ras (de moeder, zeg maar) verwijder je de meeldraden van een bloemetje, met een pincet. Dan breng je stuifmeel van een ander ras (de vader, dus) aan op de stampers van het moederbloemetje. Hang een nylon kous over de bestoven bloem, en een klein labeltje, zodat je de vrucht terugvindt, en dan niet opeet, maar zaait. Dan ga je verder te werk volgens stapje 1.
  3. Kruisen (nogmaals): zoek het zover je wil. Twee lekkere rassen: ok! Een braam, een braam x framboos: avontuur het maar. Je vindt inspiratie bij de foto’s.

Tot slot:

Veel liefhebbers (in de mooie zin van het woord) schrijven hun eigen liedjes of zelfs een heel boek, of ze vinden een nieuw bier uit, een gerecht of een nieuw soort fiets. Allemaal creatief en ambachtelijk en een dikke pluim waard. Een nieuwe framboos (of om het even welk eetbaar gewas) scheppen is ook zo’n ambachtje. Meer een ontdekking dan een uitvinding. Ach, ik praat er meer over dan dat ik het doe. 1% inspiratie, 0% transpiratie en gewoon wat geduld.

Stel je voor, zegt Raoul A Robinson, dat er over de hele wereld plant breeding clubs waren. Voor het plezier en de wetenschap, en vooral om te delen met iedereen.

Ik had beginnersgeluk, hoor: in 1992 kruiste ik een framboos met een braam, en hoeveel van de 200 zaadjes kiemden er? Twee, en die planten koester ik nog steeds: heel lekkere, productieve eigen rassen. En zo heb ik er sindsdien nog een handvol geselecteerd. Elke winter heb ik een heel klein aanbod van plantgoed van die eigen Lusthofrassen.